header 2018 def

Wat te doen met oude sieraden, al dan niet geërfd? Je draagt ze als je ze mooi of dierbaar vindt, of je geeft ze weg als ze je niks doen of ze zijn gewoon lelijk. Of je verkoopt ze om er dan iets moois voor terug te kopen waar je wél plezier aan beleeft. Dat was het advies dat ik jarenlang aan mijn cliënten en cursisten gaf als ze vroegen wat ze met die (erf)stukken moesten doen. Vooral als er een emotionele lading aan zit, is het best lastig om daar een kloek besluit over te nemen.

Zelf had ik inmiddels ook een doosje met vooral zilveren sieraden, en wat erfstukken van mijn moeder. Niet meer mijn stijl, verouderd, te tuttig, geen schoonzus, nicht of dochter die het wilde hebben. En om het te laten liggen...ach...wie weet kon ik het inderdaad prima verkopen. Rekende me stiekem al een béétje rijk.

Dat viel dus vies tegen. De juwelier waar ik mijn spullen aanbood, was heel vriendelijk, maar ook heel eerlijk. Ik had geen uitzonderlijke stukken (dát had ik ook niet verwacht). Het zilver wilde hij hooguit tegen de materiaalwaarde inkopen. Dat betekende dat die lange ketting met hanger, massief zilver allebei, nog maar net genoeg opleverde voor 2 koppen koffie op een terrasje. Al het zilver bij elkaar nog geen 15 euro. De vintage cultivéparels van mijn moeder? Hij wilde ze niet hebben, had nog een la vol met zulke kettingen en verkocht er zelden wat van. Vooruit, een gouden ring nam hij wel in, maar daar win je ook de hoofdprijs niet meer mee.

Wat was dat lastig zeg! Ik stapte met open ogen in de valkuil waar ik regelmatig mijn cliënten uit moet vissen. De aankoopwaarde en de emotionele waarde betekenen helemaal niets als je het wilt verkopen. Nou waren het over het algemeen geen emotionele stukken, maar als je de aankoopwaarde nog in je hoofd hebt, is een keldering van €125 naar € 3,- toch wel even slikken.

Hij raadde aan het op internet te proberen, of eventueel via een veilighuis. Dat levert altijd meer op dan de 70 cent die ik voor een paar moderne zilveren oorstekers kon krijgen, of de €1,60 voor een brede zilveren ring met blauwe halfedelsteen. Dat ga ik dus maar doen. Op marktplaats sta ik inmiddels verder dan pagina 10.

In maart was ik op het congres van zusterorganisatie APDO in Londen, en hoorde daar veel mooie presentaties. Ik beloofde daar nog op terug te komen, dus hier is nummer 2 van de serie.

Alison Lush uit Canada, president van mijn opleidingsinstituut ICD, presenteerde de vergelijking tussen de aanpak van Marie Kondo (ja, daar IS ze weer!) en het werk dat bij ICD opgeleide professional organizers doen. Waarom is de aanpak van Marie Kondo zo bedrieglijk eenvoudig en waarom werkt het ook vaak niet?

Allereerst: er zitten veel goede kanten aan de Japanse opruim-goeroe. Ze bracht veel bekendheid voor het vak mee en daar profiteren we allemaal van. Ook haar vraag aan klanten om te visualiseren wat ze uiteindelijk willen bereiken, is iets dat heel goed werkt (maar wat wij over het algemeen ook al doen/deden voor Marie op de proppen kwam).

Wat voor veel chronisch gedesorganiseerde cliënten absoluut niet goed werkt, is de focus op "joy". Maakt iets je blij of niet? Volgens Alison Lush is die focus te beperkt. Voor mensen die creatief zijn, een open blik hebben of mensen die van weinig geld moeten rondkomen zijn meer vragen belangrijk. Als het om kleren gaat, kun je bijvoorbeeld denken aan vragen als: Hoe is de vorm? De kleur? De conditie? Kan ik er nog iets anders van maken? Kan ik het nog combineren met een ander kledingstuk, waardoor het ineens nieuw lijkt? Hoe voel ik me als ik het aantrek? Past het nog in mijn huidige levensstijl? "Joy" is slechts één facet.

Daarnaast is de "joy" een risico voor mensen die toch al moeite hebben om spullen te laten gaan. Het is gebaseerd op intuïtie, wat op zich niet slecht is, maar de "joy" wordt dan gemakkelijk verward met gehechtheid of noodzaak en dat leidt vaak tot moeizame besluitvorming.

Het taalgebruik in de Kondo-methode is bedrieglijk eenvoudig. "Iedereen kan het!" "Je hoeft nooit meer opnieuw te organizen." "Het is een eenvoudige methode." Kun je je voorstellen wat er gebeurt in het hoofd van mensen die deze methode om wat voor reden dan ook niét onder de knie krijgen? Die overdonderd raken van die enorme stapel kleding op de vloer van de woonkamer? Dan is het alweer een mislukking op de lange weg naar een ordelijk, overzichtelijk bestaan. Wie zou er niet de handdoek in de ring gooien dan?

Marie Kondo leunt verder zwaar op het loslaten van spullen, het minimaliseren. Dat betekent dat over élk voorwerp moet worden nagedacht, afwegingen gemaakt, een beslissing genomen. En dan moet je je spullen nog bedanken ook. Dat kan een zware last zijn voor mensen die bijvoorbeeld door ADHD, autisme of hersenletsel moeite hebben om op deze manier te organiseren.

De volgorde waarin spullen moeten worden beoordeeld volgens de Kondo methode, is ook niet voor iedereen logisch. Voor Kondo is kleding het eenvoudigst om mee te starten. Ik heb genoeg cliënten gehad die juist aan kleding sterke emoties hangen, die emotioneel worden bij het zien van kledingstukken en allerlei herinneringen bovenhalen. Voor hen zouden boeken, papieren, keukenspullen of nog iets anders misschien wel als eerste moeten worden georganiseerd.

Tot slot: Marie Kondo's manier van organizen is een solo-oefening. Je doet het in je eentje (of met je partner/kind). Marie laat je zien wat je moet doen, en vertrekt vervolgens (of je leest haar boek of kijkt naar Netflix, maar uiteindelijk doe je het alleen). Bij het werken met een professional organizer ben je sociaal bezig. Je kunt je ideeën toetsen, vragen stellen, je frustraties uiten, een keer huilen, en hopelijk heel vaak lachen. Samenwerken geeft veel energie en je deelt het fysieke werk! Voor mensen die zelf fysiek heel actief zijn, of leren op een tactiele/kinestethische manier, is Kondo overigens wél heel geschikt, het is dan heerlijk om alles in je handen te pakken en je fysiek in te spannen. Evengoed kun je dan samen met een organizer werken.

Alison Lush heeft voor haar grondige onderzoek en presentatie het eerste boek van Marie Kondo een aantal keren aandachtig bestudeerd, een Kondo-consultant uitvoerig geïnterviewd, de methode zelf uitgeprobeerd (met benauwende ervaringen) en de methoden van ICD zorgvuldig overwogen. De eindconclusie is, dat beide methoden naast elkaar kunnen bestaan. Dat klinkt flauw. Voor beide methoden is een markt. Er zijn mensen die zonder hulp van een organizer, met alleen het boek of de serie van Kondo hun huis op orde krijgen. Maar voor mensen die complexer denken, die al jaren van alles hebben geprobeerd, of die leven met een beperking op fysiek of psychisch vlak, is het niet aan te raden. Gelukkig zijn er dan goed opgeleide organizers. Van ICD. Of van de NBPO :-) Kijk eens op onze websites: www.challengingdisorganization.org  www.nbpo.nl